Molukkers in Nederland en Lunteren

Tijdelijk naar Nederland
als alternatief

Het was eind 1950, een jaar nadat de soevereiniteit aan Indonesië was overgedragen. Maar er was nog steeds een Nederlands leger van 9.000 man op Java aanwezig. Dat bestond uit zo’n ongeveer 3.500 Molukse militairen wachtend op demobilisatie, plus ongeveer 5.000 Nederlandse militairen van de Koninklijke Landmacht. De laatsten fungeerden als buffer tussen de Molukse militairen en hun gezinnen enerzijds en de Indonesische omgeving anderzijds. 

Toen de rechter in Den Haag eind 1950 demobilisatie op Java had verhinderd, werd de impasse nog groter. De Molukse militairen wilden naar een gebied dat onder controle stond van de RMS, of naar Nederlands Nieuw-Guinea. Maar Indonesië stond geen van beide toe. En ontslag ter plekke was door het verbod van de Nederlandse rechter ook geen optie meer. Om uit de impasse te komen, besloot de Nederlandse regering de Molukse militairen tijdelijk naar Nederland te halen. Dan konden de Nederlandse dienstplichtigen op Java eindelijk ook naar huis.

 De Molukse militairen in de doorgangskampen kregen het bevel te kiezen uit
 de volgende opties:

– overgang naar het Indonesische leger 
– demobilisatie op Java
– tijdelijke overbrenging naar Nederland.

Mochten de militairen niet willen kiezen, dan zouden ze op Java uit de dienst ontslagen worden. Als ze voor Nederland zouden kiezen, hoopte de regering dat ze na een kort verblijf in Nederland alsnog naar Indonesië zouden terugkeren. Minister van Oorlog s’Jacob vond ‘opzending’ naar Nederland de ‘slechtst denkbare oplossing’. In februari 1951 moesten de Molukse militairen uit de drie opties kiezen. Overgang naar het Indonesische leger hadden ze al eerder afgewezen. Net als demobilisatie op Java. Er was dan ook eigenlijk geen sprake van een werkelijke keuze. Om die reden weigerden de militairen in de kampen aanvankelijk om zich over de geboden mogelijkheden uit te spreken.

Dat veranderde toen de Molukse delegatie in Nederland (de delegatie-Aponno) op 16 februari 1951 liet weten dat met ‘opzending’ naar Nederland moest worden ingestemd. Voor veel Molukkers was dat aanleiding om voor Nederland te opteren. Sommige Nederlandse commandanten trokken twijfelaars over de streep door hen te bevelen aan boord te gaan.


Filmfragment: 
Aankomst in Nederland
(Stg. Moluks Historisch Museum)

 

Bronnen:
Tekst Nationaal Archief en Museum Maluku  www.nationaalarchief.nl
Foto’s Museum Maluku  www.geheugenvannederland.nl

Links:
Museum Maluku – 
www.museum-maluku.nl

Het geheugen van Nederland – www.geheugenvannederland.nl
Nationaal Archief-
 www.nationaalarchief.nl

Ontstaan Molukse wijk in Lunteren.

In 1959 kwam de Nederlandse overheid op advies van een Staatscommissie (Verwey Jonker) tot de conclusie dat het verblijf van de Molukkers in Nederland geen tijdelijke zaak was. Besloten werd om de woonoorden te sluiten en de Molukkers in woonwijken onder te brengen. Dat zou hun integratie bevorderen.

Door het besluit van de regering werd in Lunteren 59 woningen gebouwd in de Staatsliedenbuurt . Ze werden onderhouden door de CWS (Centrale Woningstichting), de huidige Woonstede. In deze (Rijksdomeinen)woningen werden Molukse gezinnen uit woonoord De Bruinhorst uit Ederveen en woonoord De Biezen uit Barneveld gehuisvest.

Het kasteel de Bruinhorst in Ederveen werd in 1954 ingericht als woonoord voor 19 Molukse gezinnen. Achter het terrein van het kasteel werden twee barakken gebouwd.
De Molukkers woonden ongeveer twaalf jaar op de Bruinhorst; het laatste gezin verhuisde in 1965 naar Lunteren.

 In Barneveld woonden in woonoord De Biezen een van grootste Molukse gemeen-schappen van Nederland. De Molukse gezinnen vanuit woonoord De Biezen uit Barneveld verhuisden in de jaren ’60 en ’70 schoksgewijs naar de woonwijken in Lunteren en Barneveld. Ongeveer 25 gezinnen verhuisden in 1964 en 1965 naar Lunteren.

De woningen in Lunteren werden in de jaren ’80 door het Rijk overgedragen aan het CWS (Centrale Woningstichting) de huidige Woonstede in Ede. De woningen werden tevens grondig gerenoveerd. Hiervan profiteerden ook de 26 Nederlandse gezinnen die inmiddels samen met de 33 Molukse gezinnen de wijk bevolkten.


Bronnen: Tekst Stichting Ana Upu
Foto’s Museum Maluku    
www.geheugenvannederland.nl